Voor zijn dood, gaf de ‘bedenker van ADHD’ toe dat het een fictieve ziekte was

Als jij, of iemand die je kent, een kind heeft dat gediagnosticeerd is met ADHD (Attention Deficit Hyperactivity Disorder), is de kans groot dat het eigenlijk prima gaat met het kind. Dat is wat de “bedenker” van ADHD, Leon Eisenberg, vermoedelijk zou zeggen als hij nog in leven was. Op zijn sterfbed, gaf deze psychiater en autisme pionier toe dat ADHD in feite een “fictieve ziekte” is, wat betekent dat miljoenen jonge kinderen op dit moment onnodig zware, geestverruimende medicijnen voorgeschreven krijgen, die voorbode zijn van een leven vol medicijnverslaving en mislukking.
Zoals uitgelegd door Bradlee Dean, gastheer van de Amerikaans radioshow The Sons of Liberty, die ook schrijft voor The D.C. Clothesline, was ADHD slechts een theorie die ontwikkeld werd door Eisenberg. Er werd nooit bewezen dat het een verifieerbare ziekte is, hoewel Eisenberg en vele anderen flink geprofiteerd hebben van de wijdverspreide diagnose. De moderne psychiatrie blijft er ook van profiteren, en helpt om de schatkist van de farmaceutische industrie te vullen, door kinderen vroeg verslaafd te maken aan gevaarlijke psyche-stimulerende medicijnen zoals Ritalin (methylfenidaat) en Adderall (amfetamine, dextroamphetamine gemengde zouten).
“ADHD is bedrog, met de intentie kinderen aan te moedigen tot een leven van medicijnverslaving en dit te rechtvaardigen,” zei Dr Edward C. Hamlyn, één van de oprichters van The Royal College of General Practitioners in 1998 over de verzonnen conditie. Aansluitend aan deze gedachte, zeggen psychiaters Peter Breggin en Sami Timimi, die beiden tegen pathologisering van de symptomen van ADHD zijn, dat ADHD meer een sociale constructie is dan een objectieve “stoornis”.